ANATOMOPATHOLOGIE – Staalidentificatie

Richtlijnen betreffende staalidentificatie:

Elk recipiënt moet een identificatie van de patiënt dragen. Om U als arts daarin tegemoet te komen, bieden wij U de mogelijkheid om met een uniek barcodesysteem per aanvraag te werken

Deze barcodevellen worden in pakketjes van 100 vellen verdeeld en kunnen aangevraagd worden op de bestellijst materiaal artsen (zelfde werkwijze als voor de bloed- en urinestalen).
Per aanvraag 1 barcodevel gebruiken, waarvan 1 barcode op het aanvraagformulier wordt gekleefd en de andere benodigde barcodes op de recipiënten. De resterende barcodes worden met het aanvraagformulier en de recipiënten samen in het plastiek zakje gestopt.
De deelnummering van de recipiënten moet overeenkomen met deze op de aanvraag.

Recipiënten dienen goed afgesloten te worden.

Indien gebruik gemaakt wordt van plastic transportzakjes, de aanvraag niet bij het staal zelf voegen, maar de aparte ruimte in het zakje gebruiken.

Algemene richtlijnen afnamemateriaal:

Weefsels en vochten worden na afname in een gesloten recipiënt getransporteerd.
Kleine, voorafgevulde recipiënten zijn verkrijgbaar via het labo anatomopathologie. Op de recipiënten met formol is een vervaldatum vermeld. Gebruik geen vervallen fixatief. Vervallen recipiënten mogen terugbezorgd worden aan het labo.

Alle weefsels voor routine histologisch onderzoek moeten onmiddellijk na afname gefixeerd worden in 4% gebufferde formol, dit om de tijd tussen afname en fixatie zo kort mogelijk te houden en de beoordeling van het weefsel en bijkomende kleuringen en moleculaire testen te optimaliseren.

Richtlijnen betreffende dringende stalen:

Voor een urgent staal dient op de aanvraag “dringend” aangekruist te worden, met vermelding van telefoonnummer van de te contacteren clinicus.

Bewaarcondities

Gefixeerde stalen kunnen op kamertemperatuur bewaard worden.